Je hebt de 'NIET SCANNEN' code gescand in de winkel,
je kwam hier terecht, en je deed het nog een keer.
Je speelt een spel dat je nooit koos.
Het spel van het leven.
Met regels die niemand je ooit uitlegde, die je tóch volgt.
Elke dag opnieuw.
De vraag is niet of je meespeelt.
De vraag is of je wéét hoe je bespeeld wordt.
Ik speel één ronde met je mee.
Niet om je gerust te stellen.
Om het je te laten zien.
Dit is je eerste les.
Geen samenvatting, geen preview.
Het is augustus. Een dag die niets vraagt dan stilstaan. De zon staat hoog en wit, het asfalt trilt in de verte, de geluiden van de straat lijken trager dan anders. Je staat in een keuken. Niet de jouwe, het maakt niet uit. Op het houten aanrecht ligt een citroen. Net uit de koelkast. Hij beslaat. Je pakt een mes. Je legt de citroen op zijn zij en je snijdt hem doormidden. De schil geeft mee, het sap loopt langs het lemmet, parelt op je vingers. Je tilt een helft op, brengt hem naar je mond, en je bijt.
Voel je het?
Speeksel in je mond. Misschien een lichte rilling over je nek. Een rimpel rond je ogen die je niet hebt geplaatst.
Je hebt geen citroen gezien. Geen citroen geroken. Niets aangeraakt. Er stond tekst op een scherm.
En toch reageerde je lichaam alsof hij er was.
Wie deed dat?
Je hebt het niet besloten. Je hebt het niet gewild. Je hebt het niet eens gemerkt terwijl het gebeurde.
Iets in jou, iets dat geen denken nodig had, heeft de woorden gelezen, een beeld gevormd, het lichaam aangezet om te speekselen.
Allemaal voor jij erbij was.
Het werkt overal hetzelfde.
De geur van een bakkerij die je voorbijfietst. Een melodie op de radio die je terugbrengt naar een zomer waar je decennia geleden afscheid van nam. De stem van iemand die je ooit pijn deed, gehoord in een mensenmassa, ook al weet je dat hij het niet kan zijn. Je schouders strakker, voor je begrijpt waarom.
Een beeld roept een emotie op. Aan elke indruk hangt een lichamelijke beleving. En het lichaam gelooft alles wat het krijgt aangereikt, ook wat alleen in je hoofd bestaat.
Vraag jezelf één ding.
Hoe vaak per dag stuurt iets in jou een reactie aan, voordat jij erbij bent?
Het is een vrijdagavond, lang geleden.
Een nieuwe baan. Collega’s die iets gaan drinken. Je gaat mee. Gezellig, niets mis mee. De alcohol vloeit, er is gelach, muziek die net hard genoeg staat om de zwaarte van de week op te lossen.
Wat je niet doorhebt: je brein registreert alles. Niet als beeld, als blauwdruk. Snapshots van geur, geluid, licht, sfeer. Aan elk snapshot wordt één gevoel gehangen: dit is goed.
De volgende ochtend heb je een kater. Maar de blauwdruk is sterker dan het ongemak. Versterkt door dopamine. Geprent door endorfine.
Vrijdag komt weer.
En weer. En weer.
Tot je op een dag besluit te stoppen. Dán komt het lichaam in opstand. Ik wil dit. Ik ken dit. Dit voelt goed. De inwendige chemische fabriek schiet in gang voor jij weet wat er gebeurt. En je zwicht.
Eén keertje nog.
Dat is geen wilszwakte. Dat is de kracht van het lichaam over de geest. Body over mind.
En je telde de jaren niet meer.
Het geldt voor alles wat je doet zonder het te merken.
Je telefoon die je oppakt in een stilte van vier seconden. De koelkast die je opent zonder honger. Het woord dat je terugzegt waar je later van wegkijkt. De partner die je koos om iemand uit je verleden in te zien. De vakantie die je boekt om aan iets te ontsnappen dat in je koffer meereist.
Een leven lang geweven uit kleine zetjes van iets dat geen naam draagt.
De eerste vraag is of je het ziet.
Want zolang je het niet ziet, kies je niet. Je wordt gekozen.
Door hormonen die je denken sturen.
Door een ego dat dicteert.
Door onbewust gedrag dat kiest in jouw plaats.
Eén waarneming. Vandaag.
Niet morgen. Niet ergens deze week. Vandaag.
Kies één handeling die je vandaag toch zult uitvoeren. De koffie van de ochtend. Het opnemen van je telefoon. De eerste sigaret. Het glas dat je inschenkt om zes uur. De drempel van je voordeur na het werk.
Sta er één keer, vandaag, een halve seconde voor stil.
Niet om het te stoppen. Niet om het anders te doen. Niet om er een les uit te trekken.
Wie of wat doet hier wat?
Dat is alles.
Niet wat je doet zal je leven veranderen. Wel of je het ziet.
En als je dit ziet, eenmaal echt ziet, kun je niet meer doen alsof je het niet zag.
Welkom in het spel.
Wat je hier las is één les. In het boek krijgt Lucas er tientallen. Niet als hoofdstukken met opsommingen, niet als oefeningen om af te vinken. Als momenten waar hij eerst van wegkijkt, dan zwijgt, en dan iets denkt zonder het te zeggen. Meestal iets dat begint met “miljaar”. Iemand legt iets voor zijn voeten, en hij ziet eerst niet wat het is. Pagina’s later, soms hoofdstukken later, valt iets op zijn plek waarvan hij niet wist dat het ergens hoorde. Het is een roman. Hij leest als een roman. En wie hem uitleest, kijkt anders naar zijn keuken. Anders naar zijn telefoon. Anders naar het glas in zijn hand. Anders naar zichzelf.
Spel zonder grenzen — Sivali — 212 pagina’s, genaaid gebonden — €23
Bedankt dat je dit las.
Geen reeks. Geen nieuwsbrief. Alleen wat er is, wanneer het er is.
Ken je nog iemand? Geef de les cadeau.